Jan van Iersel; duurzame voedselproductie; duurzame innovatie; Peter van Dongen

Boardlid Jan van Iersel geeft zijn kijk op positie en toekomst van hbo

Jan van Iersel, bestuursvoorzitter van Hogeschool Van Hall Larenstein en lid van The Economic Board, geeft in een interview met ScienceGuide zijn visie op het hoger onderwijs. Hij is onder meer voorstander van internationalisering en een doctoraatstraject.

Jan van Iersel

Jan van Iersel: “Als ik over de staat van het hbo denk, dan zie ik een sector die midden in een emancipatieproces zit. Het hbo is hard op weg om volwassen hoger onderwijs te worden.”

Sinds januari vorig jaar is Van Iersel lid van The Economic Board. Zijn functie bij Van Hall Larenstein, de groenste hogeschool van Nederland, bekleedt hij een paar maanden langer. Daarvoor had hij talloze andere rollen in het hbo. Met zijn kennis en ervaring is hij een uitstekende toevoeging voor The Economic Board en speelt hij een rol bij het verbinden van de onderwijssector met overheden en het bedrijfsleven.

Human capital

Uit het interview met ScienceGuide, een vaktitel voor het hoger onderwijs, de wetenschap en de kennissector, blijkt duidelijk dat Van Iersel iemand met visie is. Hij bespreekt thema’s die verder gaan dan de belangen van Hogeschool Van Hall Larenstein. Het gaat met name over de positie en de toekomst van het hoger beroepsonderwijs.

Zo gaat hij onder andere in op de internationalisering van het hbo en de kansen die dat biedt voor het humancapital-vraagstuk. “Hoger onderwijs, in ieder geval modern hoger onderwijs, is internationaal georiënteerd”, vindt Van Iersel. “De Nederlandse humancapital-agenda is daar eveneens bij gebaat. Daarnaast moeten de meeste studenten die wij opleiden voor de sectoren op het gebied van duurzame landbouw, gebiedsinrichting, diermanagement, bodem- en watervraagstukken en voedsel het hebben van de internationale markt. Het is dus noodzakelijk dat onze studenten die internationale en interculturele oriëntatie meekrijgen. Dat gaat nu eenmaal het beste in een international class room. Hoeveel buitenlandse studenten je daarvoor kunt toelaten? Ik denk de helft per klas.”

Het is dus noodzakelijk dat onze studenten die internationale en interculturele oriëntatie meekrijgen. Dat gaat nu eenmaal het beste in een international class room.
Jan van Iersel, Van Hall Larenstein

Ook gaat het interview over de flexibilisering van het onderwijs, onder andere door flexibele leerroutes met meer deeltijdopleidingen. Vanuit de onderwijssector worden daar steeds vaker voorzichtig vraagtekens bij gezet, omdat de route naar een diploma voor studenten onoverzichtelijker wordt. “We willen met de flexibilisering meer mensen van verschillende groepen van hoger onderwijs laten genieten. Dat lukt, want we bereiken nieuwe groepen. Voor mensen met een baan en een gezin biedt flexibel onderwijs namelijk een oplossing.” Ook zegt hij: “De leeruitkomsten van klassieke en flexibele routes zijn dezelfde, dus flexibilisering en kwaliteit gaan wel degelijk samen.”

Emancipatie

In het artikel gaat hij verder vooral in op de emancipatie van het hbo. “Als ik over de staat van het hbo denk, dan zie ik een sector die midden in een emancipatieproces zit. Het hbo is hard op weg om volwassen hoger onderwijs te worden. Het onderzoek maakt nu immers vrijwel volwaardig deel uit van de activiteiten van hogescholen. Ook het eenzijdige bachelorsonderwijsaanbod is gevarieerder geworden met masters en associate degrees.”

Hij is groot voorstander van een doctoraatstraject in het hbo, waar hogescholen in 2022 mee gaan beginnen. Het Professional Doctorate (PD) met het daarbij horende ius promovendi wordt dan een derde stap, na bachelor en master. De PD krijgt een gelijkwaardig niveau als een universitaire PhD maar heeft een ander karakter. Volgens Van Iersel is het noodzakelijk voor de verdere emancipatie van het hbo. “Als die is ingevoerd, hebben we een volgroeid hoger onderwijsstelsel met de mogelijkheid om te promoveren in zowel wo als hbo.”

Aan het eind van het interview komt hij terug op die emancipatie. “Ons onderzoek moet net zo behandeld worden als dat van het wo, inclusief de derde cyclus, het ius promovendi en de financiering. Dan kunnen we echt vanuit een evenwichtig binair stelsel werken. Daarnaast moeten we naar een andere benadering van rendementen. Groei van studenten: dáár gaat het om.”

Meer over The Economic Board

Dit artikel delen

FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp
FacebookTwitterEmailLinkedInWhatsApp